21/12/07

Wawautas (2) - Het project in ´t kort -

Soms lopen de zaken anders dan je verwacht. Een toer fietsen in Zuid-Amerika, mijn Boliviaanse vrienden terug ontmoeten in La Paz en her en der de handen uit de mouwen steken. Dat was zo min of meer het plan. Maar het mede oprichten van een preventie- en vormingsorganisatie is natuurlijk nog andere koek. Word ik volwassen?! Getuigt het van Homerische overmoed? Ik kan zo voor de vuist wel tientallen redenen bedenken om het niet te doen. Zo las ik in de maanden na mijn eerste ervaringen in Bolivia het één en het ander over armoede en ontwikkelingswerk. Mijn God, wat is er over dit onderwerp al veel geschreven; reportages, boeken, statistieken, internetpagina´s... Vervolgens zijn er zoveel redeneringen , kritieken (weinig zelfkritiek), mislukte projecten, overwegingen en bedenkingen dat het ´niets doen´ rechtvaardigt. Het zou me te ver leiden om hier nu verder op in te gaan, maar wat ik wil zeggen is dat verwarring en vertwijfeling toenam. De boutade dat ieder zijn waarheid heeft is daarentegen voor de arme écht futiel. Natuurlijk kan je alles relativeren en in verschillende perspectieven plaatsen en het is goed om dat te doen. Liever een botte waarheid dan een subtiele verdraaiing want met sprookjes en kleuterredeneringen komen we er ook niet.
Doch is passiviteit, cynisme en verzuring , volgens mijn bescheiden mening, niet het antwoord op de vele problemen die de Andes-bewoners treffen. Ook al zijn projecten maar de staart van de hond; onderhevig aan economische conjunctuur en politieke machtsverhoudingen, mijn eigen ervaringen leren me dat er wel degelijk alternatieven mogelijk zijn.


Korte samenvatting van het project ´Wawautas´, een integraal preventie en vormingsorganisatie.

Het project richt zich tot dorpelingen die kleine lapjes grond bewerken in de omstreken van de grootstad La Paz. Voor een periode van enkele dagen tot een viertalweken komen ze naar de stad om hun goederen te verkopen met in hun kielzog veelal enkele kleine kinderen.
Twee grote pijlers omvatten het project. Enerzijds(1) worden de kinderen overdag opgevangen en begeleid. Anderzijds(2) zullen de ouders ´s avonds worden geïnformeerd via vormingsateliers.
1/Meer dan een kinderopvang.
De kinderen van de marktvrouwen worden voortdurend blootgesteld aan de gevaren van de straat; verkeersongevallen, verloren lopen, straffen ouders, seksuele ongewenstheden, extreme weeromstandigheden (koude/hitte) , conflicten, drugs, moeten bedelen, geweld, .... Het project is echter meer dan het opvangen van de kinderen. Door een team van gekwalificeerde deskundigen (opvoeders, pedagogen, psychologen,...) wordt het kind begeleid zowel in groep als individueel en gestimuleerd om zijn eigen alsook aangeleerde capaciteiten verder te ontwikkelen. Er zal ook preventief ingegrepen worden indien er zich ontwikkelingsproblemen bij het kind voordoen (voorbeeld:ondervoeding, spraakproblemen, huishoudelijk geweld, ....) Samen met de ouders zal er een strategie opgesteld worden om deze moeilijkheden tijdig te overwinnen. Daarnaast zal er ook aandacht besteed worden aan drie evenwichtige maaltijden op basis van regionale producten.
2/Betrekken en informeren van de ouders
De tweede belangrijke pijler van het project richt zich tot de ouders. Deze zullen ´s avonds deelnemen aan vormingsateliers die door deskundigen gegeven zullen worden. Onderwerpen die die aanbod komen: gezondheid, belang van gezonde hygiëne, gezonde voedingsgewoonten, gezinsplanning, preventie tips over huishoudelijke ongevallen, opvoeding, ehbo, milieu, informatie over de bestaande beschermingswetten en bestaande instanties,...


Daar het een fluctuerende doelgroep is kan het project vele kinderen en volwassenen bereiken die afkomstig zijn uit verschillende dorpen. Na verloop van tijd zullen dezelfde personen terugkeren.
Het niet overheidsgebonden project Wawautas is het resultaat van een groep Boliviaanse psychologen , die rekeninghoudend met de culturele eigenheid, als objectief heeft om oplossingen te leveren aan de vele moeilijkheden waarmee de Andes-gezinnen te kampen hebben. Het uitgangspunt is dat doormede het investeren in vorming, zelfredzaamheid en preventie vele toekomstige problemen kunnen worden vermeden alsook het mee de basis vormt van een ´gezonde maatschappij´. De plannen van het project zijn echter niet nieuw(7 jaar) maar wegens gebrek aan financiële slagkracht bleven ze in de kast.
De stand van zaken van het project is, dat na de meerdere lokettenmarathons van de voorbije weken voor allerlei formaliteiten we momenteel de voorbereidingen aan het treffen zijn voor de eigenhandige renovatie van het pand dat we ter beschikking hebben. Over deze werkzaamheden bericht ik jullie volgende keer.

Nu rest er mij nog één moeilijke, vrijblijvende vraag?
Help jij mee?
Storten kan op rekeningnummer: 363-4205839-56
Gracias alsook nogmaals gracias aan al diegene die dit al deden.
Zeggen het voort...

Feliz navidad y prospero año nuevo a todos!!!!
Abrazo del parte de Federico.

5/12/07

Wawautas (1) - De voorbereiding -

Daar stond ik dan in een lange rij die tot in de straat reikte. Eindelijk bereikte ik de deur. Binnen was een klein, donker vertrek waar je mekaars adem kon kauwen met een houten werktafel in het midden en een ingelijste foto van de president aan de muur. We maakten allemaal kleine pasjes, gezamenlijk naar voren schuivend. Tot het mijn beurt was en ik voor de tafel stond. "Gringo!?" zei de bureaucraat met een sfinxengezicht. Het werd uitgeroepen als een verklaring en bepaald als een vraag. Alvorens ook maar een blik op de documenten te werpen vervolgde hij op lichte preektoon dat ik een kopie van mijn pasport nodig had.
Daar stond ik dan weer in een lange rij die tot in de straat reikte met een kopie van mijn pasport in de hand. Ik maakte tijdens het lange wachten kennis met een reizigster, die luisterde naar de oeroude naam Maria. Haar broek was zo´n vormeloos pyjama-achtig geval tot aan de kuiten, sowieso al minder dan flatteus, en ook nog uitgevoerd in lichtpaars met daarop de witte silhouetten van lopende lama´s!!!. Even praatten we gemoedelijk over onze diarree-ervaringen totdat ze plots van onderwerp veranderde. "Wat jammer dat de televisie tot in de dorpen is doordrongen, zo verliezen ze hun cultuur, ze hebben geen idee hoe gelukkig ze zijn" Wat een sentimentele flauwekul van de bovenste plank. De Andes-dorpelingen zijn zich zeer bewust van het harde leven dat ze leiden. Ook zij zijn, net als wij, op zoek naar de gemakken des levens. Vele toeristen en zelfs hulpverleners komen met een romantisch idee in hun hoofd en willen onbedorven Indianen zien...de realiteit echter voldoet niet altijd aan hun verwachtingen. Die travellers willen dat alles blijft bij het oude. Terwijl ik het juist goed vind als mensen de voordelen van de moderne tijd in hun leven integreren. Haar vriend, ook al zo´n kumbajé-kumbaja type, natuurlijke met de obligatoire Che-T-shirt, stond erop te worden aangesproken met "Tricky", daarmee moet zijn karakter al voor de helft zijn geschetst. Erg stoer, zoals zovele reizigers, maar als ze drie dagen hun e-mails niet kunnen lezen krijgen ze ontwenningsverschijnselen.
Soit, ik maakte terug mijn opwachting om het kantoor te betreden als een agent me de doorgang op ostentatieve wijze blokkeerde. Hij verklaarde achteloos dat het lunchtijd was. Hij leek me niet geïnteresseerd in het winnen van een onderscheiding voor vriendelijkheid.
Daags nadien, voor lunchtijd, overhandigde ik aan een vrouwelijke functionaris een kopie van mijn pasport en de documenten nadat ik eerst in een lange rij die tot in de straat reikte had staan wachten. In een machteloos gebaar spreidde ze haar armen en verwees me naar de loketten die gevestigd waren op de tweede verdieping.
Hoewel er daar een hele baterij loketten waren, waren er slechts twee bemand door slecht gehumeurde types die niets liever willen dan je dag tot de meest memorabele ervaring van je leven te maken. De lucht was er loodzwaar van de moedeloosheid. Vriendelijk overhandigde ik de documenten. De nukkige ambtenaar beantwoordde deze met een prijs. Waarop ik zonder verpinken, mijn lippen nadrukkelijk bewegend alsof ik het tegen dovemansoren had, aanvoerde dat het vereiste formulier gratis was. Daarop grijnsde hij terug als een idioot met een imbeciliteitsgraad die de naaktslak ten tijde van het Pleistoceen al overwonnen had. Ik hield echter voet bij stuk. Daar ik niet heiliger ben dan de gemiddelde "Van Rompuy" begon ik luider te spreken zodoende iedereen in de ruimte de discussie kon volgen. Mijn tactiek had uiteindelijk het gewenste gunstige gevolg.
Het (gratis) formulier is één van de vele vereiste documenten die nodig zijn bij de oprichting van het project "Wawautus"; een vormings en preventie organisatie voor dorpelingen (kinderen overdag/ouders ´s avonds) die hun goederen (fruit, groenten) komen verkopen in de grootstad La Paz. De nadere toelichting van het project zal voor volgende keer zijn.

Con mucho cariño del parte del Federico, un abrazo.

PS 1 Toen ik het gebouw verliet kwam ik Tricky en zijn Maria nog tegen die op weg waren om hun pasport te kopieëren...dat is pas Boliviaanse cultuur dacht ik fijntjes en kon een glimlach op mijn gezicht niet onderdrukken.

PS 2 Met de voetbalploeg Alpra JR, samengesteld uit schoenpoetsers, gaat het ook uitstekend. We bekleden namelijk de voorlopige derde plaats in de rangschikking van het kampioenschap.

23/11/07

Eureka!!!

Het heeft veel voeten in de aarden gehad om jullie te kunnen voorzien van enig fotomateriaal.
Zo had het digitaal beeldschermpje van mijn toestel het reeds na twee weken begeven onder een regenvlaag. Het probleem was dat ik mijn jokers "Dame Fortuna" met succes had ingezet tegen andere dreigingen; fietspech, ordinaire dieven, woekerende geldwisselaars, slangen, driftige overvallers, corrupte douaniers, suïcidale chauffeurs, zadelpijnen, spuwende lama´s, ontvoeringen, gringo-haters, malaria, drijfzand, dronkaards, fietsvandalen, dysenterie, uitdroging, Duitse toeristen, valpartijen, orgaandieven, cash-tekort, koppensnellers, lekkende zonecrème, Che-adepten, boeren uit de Altiplano die door inteelt naar krankzinnigheid neigen, cholera, hondsdolheid, defecte bankkaart, vallende meteorieten, de reuze miereneters, drugstrafikanten, jaloerse Don-Juans, enkel-knie-lies problemen, verdwaaldheid, aliens, kapotte slaapzakritssluiting, pasport verlies, de man met de hamer,...

Het gevolg was dat ik zonder de instellingen te kunnen hanteren en regelen slechts een weinig foto´s trok, alsook met een matig resultaat zoals achteraf blijkt. Een vinger voor de lens, foto´s tegen de zon genomen, een nietvermoedende hoofdpersoon die op het cruciale moment uit beeld is weggelopen, lodderige blikken, bewogen onscherpe plaatjes en bijna allen te donker.
Ach, des te mooier zijn de vele herinneringen op mijn netvlies.
Ook mijn technische behendigheid schoot tekort in de pogingen om de foto´s op mijn blog te plaatsen...weliswaar geen onoverkomelijk probleem daar Jeremy dat in no-time wel voor elkaar kreeg, waarvoor dank.

De fietstocht lijkt me ondertussen al een eeuwigheid geleden daar we momenteel volop bezig zijn met de opstart van het project. Het gaat de goede richting uit, al blijken de bureaucratische hindernissen bijwijlen moeilijker te overwinnen dan de Andes-bergtoppen met hun Spartaanse ontberingen.
Het verhaal over de Boliviaanse geüniformeerde "soepkip" beambte en de sjofele slippendragers is voor volgende keer.

Het gaat me hier overigins uitstekend...voor wie er nog zou aan twijfelen.

Hasta luego, Federico

22/11/07

*-* HACK *-*

$ er $ zijn foto's $ opgedoken $ van $ Fré $ zijn $ rondrit $ door $ Z-A $ . $

8/11/07

De blijde intrede in La Paz

Het venijn van mijn schitterende fietstocht door Zuid-Amerika zat hem in de staart...de (voorlopig?) laatste rit. Mijn gedachten dwaalden reeds een hele dag af, ze waren al even nomadisch en buiten zinnen als ikzelf en ik had ze niet meer onder controle. Zo zat ik midden in een prettige dagdroom over een overheerlijk bord kruidige scampi´s en een gloeiend hete douche waarbij je huid kookt en je spieren zacht zijn als pezige ballonnen toen onverwachts drie schurftige zwerfhonden in mijn kielzog toesloegen. Wat zeg ik,zwerfhonden, dat zou een misplaatst eufemisme zijn voor deze wolfachtige beesten met hun waterige ogen, kapotte oren en uitstekende ribben. Een mens komt wat tegen!
Onmiddellijk was ik echter op mijn qui-vive maar niettemin kroop een gevoel van spanning van mijn maag naar mijn keel. Ik was machteloos, kon slechts schreeuwen, vloeken en vooral doorvlammen. Doch voor de walgelijke reusachtige beesten waren mijn gespierde kuiten een feestmaal en dusdanig gaven ze niet af. Ik pufte en kreunde zodanig onder de staalharde hoogtezon dat mijn gezicht bij iedere pedaalslag roder werd. Zo wilde ik niet aan mijn einde komen. Krantenkoppen schoten door mijn hoofd; "Fietser op 14 km van einddoel verscheurd door wolfachtige honden" of "Injecties tegen rabies(hondsdolheid) baten fietser niet". Ik trapte met de laatste krachten en vooral met de moed der wanhoop harder en harder tot ik bijna vloog. Een mens weet soms niet waar hij het blijft halen. Verdampend onder de zon terwijl mijn tong tussen mijn spaken hing en ik gaandeweg de kracht uit mijn afgepeigerde benen voelde wegebben, vlogen enkele goed gemikte stenen rakelings langsmij heen richting mijn belagers - die hierop direct hun strijd staakten en met de staart tussen de benen afdropen. Ik haalde opgelucht adem.
Een tenger jongentje met afstaande oren en een onweerstaanbare glimlach waardoor zijn gezichtje één en al tanden was, was de uitvoerder. Toen mijn hart terug het juiste klop-ritme had gevonden bedankte ik mijn reddende engel met mijn resterend ratsoen. In een dialect waarvan ik geen jota begreep antwoordde hij iets terug. Ach, woorden waren overbodig onze blikken spraken voor zich.
Ik caramboleerde verder door het verkeer,overmoedig misschien roekeloos maar vooral euforisch dat ik mijn doel, La Paz, bereikte (sneller dan gepland) en mijn tocht zo´n succes was. De allerlaatste kilometers overviel mij een onbeschrijflijk gevoel van blijdschap en werden mijn ogen zowaar een beetje vochtig omdat ik lachte en misschien ook emotioneel werd of gewoon door het dolle heen was.
De mensen, de bewegingen, het lawaai, alles onophoudelijk onafzienbaar door elkaar, kortom; die heerlijke vertrouwde chaos van een wereld die ik af en toe begrijp, maar accepteer. En dan klonk er in de menigte het luide gejoel op van enkele kameraad-schoenpoetsers die me herkenden...een geweldig moment!!! Ofschoon m´n hele lijf zanikte naar een verkwikkende douche, mijn maag smeekte en pleitte naar een vettige maaltijd (onderweg 8kilo afgevallen) en de zenuwcellen van mijn benen klaagden naar een bed wou ik de aankomst zo zielsgraag rekken.

Wie denkt dat ik mijn doel bereikte heeft het mis, want nu begint de lange weg naar het realiseren van het project....
Hierover en veel meer,
volgende keer alweer.
Liefs Federico

31/10/07

Que dios te va acompañar.

Hij doet een stap naar voren, legde een hand op mijn arm met de onmiddellijke vertrouwdheid die zovele Zuid-Amerikanen eigen is en zei "Que dios te va acompañar." Dit waren steevast de woorden van de locals als ik hen vertelde over mijn voor de boeg staande ritten door het Andes-hooggebergte. Daarop volgde meermaals, na een mompelend gekonkelfoes, nog het woord loco. Maar ik was weer niet van de wijs te brengen en sprong, zo fris als een konijn op de plein, op mijn fiets voor de koninginnenritten.
Van de massage, volgwagen, doping en uitgebreid pasta-ontbijt zoals de fietsmiljonairs in de Tour de France krijgen kon ik slechts dromen. Je zou zeggen: "Dat is toch geen enkel probleem, even naar de winkel" maar dan kennen jullie het land van Juan met de pet en Juana met de bolhoed nog niet. In elk miezerig klein, muf en aftands winkeltje trof ik dezelfde selectie van (on)voedingswaren aan met de uiterste gebruiksdatum veelal lang en breed overschreden.
De eerste uren fietste ik al klappertandend en met vingers die geleidelijk paars werden van de kou totdat de gouden aura van de opkomende zon me opwarmde. Wederom was er weinig tot geen verkeer. Het bleef me trouwens verbazen met hoeveel vertrouwen de buschauffeurs zichzelf en zijn medepassagiers overgaf aan de goede zorgen van Sint-Christoffels tijdens het nemen van de haardspeldbochten waarbij een soort Russische roulette werd gespeeld.
Ik zag de weg voor me die slingerde, die omlaagdook en omhoogklom, een bocht maakte, de bijna uitgedroogde rivier overstak, die verdween en plotseling opdook op een hoge, kale berg en daarboven maakte de bloemkoolwolken plaats voor een zuivere lucht, een transparante atmosfeer. Ontegenzeggelijk gaat kijken in de Andes sneller dan fietsen want dat is eerder een soort stilstand in beweging. Klimmetjes die op zeeniveau al pittig zijn ontpoppen zich hier, in combinatie met een beroerd wegdek, tot ware killers. Maar ik genoot van de uitdaging, van de verbluffende schoonheid waardoor mijn tocht van alle kanten werd omringd. Bij elke bocht die ik omging openbaarde zich in de eindeloze verte een nieuw machtig panorama. Inmiddels kende ik het klappen van de zweep en klom en klom, omhoog en rond en omhoog en rond en weer omhoog en rond. Soms met een ademhaling die klonk als die van een astmapatiënt in een hooimijt. Soms al staande op de trappers, à la danseuse, zoals het wielerjargon dit noemt. Soms zachtjes hijgend "één, twee, drie , vier , vijf" om het fietsritme in mijn benen te houden. En dan bereik je de top van de wereld, althans zo voelde het, de zevende hemel, en die had ik helemaal op eigen kracht bereikt. Het panoramisch woeste landschap was er letterlijk en figuurlijk adembenemend. De eindeloze leegte om me heen imponerend alsook de oorverdovende stilte. Ik waande me op een uitgestorven planeet. Een warme vloed van zelfbehagen doorstroomde me en ik zei hardop tegen mijzelf "Je bent hier echt" dit vergeet ik nooit of te nimmer en sloeg een kreet waarmee ik Tarzan naar de kroon stak.
Tijdens de onheilspellende kurkentrekker-bochten-afdaling joegen de endorfinen door mijn lijf en zong ik uit blijdschap de meest onzinnige liedjes tot mijzelf. Naast me leken een groep koddige wollige wezens met lange nekken (lama´s) schalks naar mij te knipogen, alsof ze durfden te wedden dat ik kennis ging maken met het asfalt. Ik tuimelde een vallei binnen en buitelde omlaag tot op een reusachtige en oneindige vlakte...de Altiplano. Wat voelde ik me klein in deze weidse omgeving, als een mier die op de onderkant van de wereld kroop. Mijn trouwe gezel de tegenwind was adermaal ook weer van de partij. Ik heb me voorgenomen om bij een volgende fietsreis eerst een overleg met hem te plegen om dusdanig in dezelfde richting te toeren.
Al bij al waren het niet zozeer de bergen die de zwaarte bepaalden alswel de smerige dorpen. Het dag in dag uit gebrek aan hygiëne en proper water. De broeinesten van alomtegenwoordige misselijkmakende vuiligheid, uitwerpselen, rotzooi, doordringende pislucht, de miserabele vieze krotovernachtingsplaatsen, de smerige ongastvrije precaire sanitaire condities, het sobere ondefinieerbaar voedsel. Alsof de inwoners er hun waardigheid verloren hadden alsook hun vaardigheden om zichzelf te behelpen. Armoedig gekleede vrouwen die gebukt gingen onder het werk en de kinderen, rondhangende in hun noodlot berustende mannen die naar de fles grepen. Er heerste een tekort aan hoop...zéér triest en beklijvend.
Gelukkig beschik ik over de wonderbaarlijke gave altijd en overal te kunnen slapen; ik sloot mijn ogen en in gedachten ook mijn neus, oren en poriën en zonk weg in een droom waar ik de bergen met evenveel plezier nogmaals beklom...

Volgende keer...de blijde intrede in La Paz ...

Lieve groetjes van een gelukkig fietser

23/10/07

Door het wolkenfabrik

Als je reist voor het intense avontuur, de fantasie, de uitdaging dan is Bolivia als fietser elke dag opnieuw een onvergetelijke belevenis in het kwadraat. Deze alle neerpennen zou me te ver leiden. Echter zo´n dag was een rit door het Andes gebergte tussen Santa Cruz en Cochabamba langsheen de oude route. Een weg met nauwelijks verkeer afgezien enkele opentrucks uitpuilend van mensen en pluimvee.
Na een 30tal km wist ik dat er mij een klim stond op te wachten van 17km. Totdaar geen probleem ware het niet dat de daarna voorziene afdaling uitbleef. In de plaats reed ik een totaal onverwachts gebied binnen. Wat er voor mijn mensenverstand nog het meest op leek was, ... alsof ik een spiegel doorging en in een andere wereld uitkwam. Een bijna surrealistische ervaring. (voor alle duidelijkheid - ik zit niet aan de cocabladeren -)
De weg kronkelde tussen smaragdgroen gras, weelderige slingerplanten en daartussen rezen aan weerszijde woudreuzen bemost met langharig weefsel waardoor ze aan demonen deden denken. De boomtoppen kon ik niet zien daar ik helemaal in de mist was gehuld, die als stoom borrelde uit de afgrond en over de weg kroop. Het zicht bedroeg hierdoor slechts enkele meters. Door de condens van de nevelflarden werd ik helemaal nat. De onverharde aarden weg die bezaaid was met kuilen en alomtegenwoordige stenen veranderde gaandeweg in een slijkzee. Het water had zo´n funeste invloed op het pad dat het eruitzag als een motocrosscircuit na een dag racen. Het bastaardkind van de duivel zelf. Mijn profielbanden zonken weg. De moddergroeven waren zo diep dat ik voortploegde aan een schamele 4 a 6 km per uur. Als in een vooroorlogse slapstick wankelde ik acrobatisch heen en weer om het evenwicht wanhopig te bewaren. Tevergeefs. De zwaartekracht trok meermaals aan het kortste eind. Fietsen was als hobbelen over een spiegelglad met bruine zeep ingesopt plastic zeil. Kilo´s modder plaktten zich vast als bloedzuigers aan mijn fiets. In andere omstandigheden zou dit me zorgen baren want zoals voor de Gaucho¨s hun paarden, voor de Bedoeïen hun kamelen, is mijn eerste zorg mijn fiets. maar ik had andere katten te geselen. Ik ploeterde, baggerde, zwabberde, waggelde voort omhoog langs de rand van de bergen. Er was geen dorp of huis te bekennen...griezelig eenzaam. Door de combinatie met dit zwaar geaccidenteerd terrein, wind, mist, hoogte (3500) kreeg de tocht stilaan de allures van een overlevingstocht. Ook de klok tikte ondertussen onveranderlijk voort. Ik voelde dat ik de controle over de rit verloor. In mitrailleurtempo flitsten duizend vragen door mijn hoofd. Op geen had ik een antwoord. Noodscenario´s werden opgemaakt; hoeveel voedsel had ik nog? Omkeren! Ik wreef in mijn ogen en schudde mijn hoofd heen en weer om helder te blijven en zette door. Elke bocht was een mini-overwinning ook al gin g het zo gruwelijk traag dat ik de stenen kon tellen waarover ik reed.
En dan opeens, even onverwachts als het was opgedoken, stopte het geurende, vochtige dichtbegroeid nevelwoud en maakte het weer plaats voor de allesoverheersende door, stoffige kale bergen. De eerste kleine nederzetting die tegenkwam,met de zeer toepasselijke naam La Sieberia, bestond uit ten hoogste een twintigtal troosteloze bouwvallige huisjes. Een deprimerend oord. Tot overmaat van ramp liep iedereen van me weg, zelfs de loopneuskinderen, alsof ik een beslijkt ufo-verschijning was. Akkoord met die helm als omgekeerde puddingvorm neigde ik daarna. Daarentegen was het volgende dorpjes met zo´n kleurrijk schouwspel van een krioelend marktje en in bonte kleren gehulde vrouwen heel gastvrij. Mijn aankomst resulteerde in een soort straatconferentie. Ze vuurden, zoals steeds, een spervuur van vragen af als in een TV-quiz. Hoe heet je? Waar kom je vandaan? Waar ga je naartoe? Wat vind je van ons land? Hoeveel kost je fiets? Bij het horen van mijn verhaal over de tocht van die dag kregen ze een niet te stuiten, zeer aanstekelijke slappe lach en ik volgde hun voorbeeld.
Ook al kon ik toen eten als een hollebolle Gijs hun bescheiden voorraad durfde ik niet te plunderen. Daarvoor was hun armoede te onthutsend. Want voor mij zullen het altijd maar ervaringen zijn, zij het indrukwekkende. Ik passeer en ga weer naar huis. Zij moeten hier blijven wonen. Een leven , dat een gevecht is om de volgende dag te halen. Inkomens die je met je vergrootglas moet bekijken. Een leven in zeer extreem armoedige en primitieve omstandigheden met zorgen die wij niet kennen.

next time: de koninginnenritten (4500m hoogte)

ciao-ciao amigo´s,

13/10/07

Op het ritme van de zon.

Bij het krieken van de dag, en daarmee bedoel ik 5u30, zat ik reeds op mijn vehikel. Alles sliep nog. Geen bewegingen, geen zuchtje wind. Zelfs niet het geritsel van bladeren. Alles hield zich stil om nog niet de zon te wekken die - zodra ze boven de horizon rijst- meedogenloos zal branden. Zoals daags voordien toen zweetdruppels ter grootte van parels van mijn voorhoofd druipten en mijn huid deed glanzen als een spiegel. Temperaturen waarbij een sauna zou verbleken. Kortom een verpletterende loden hitte. Het grootste probleem vormt na enige tijd het zweet dat uit alle poriën gutst, mijn t-shirt tot een druipende dweil reduceerent.
Nee, die dag scheen de zon nog fantastisch kalmerend en de tijd verstreek in een een waas van welzijn, lange trage uren, bijna lethargische uren waarbij het zo heerlijk was om alleen maar te fietsen dat niets er verder toe deed.
Tegen de achtergrond van de zacht glooiende heuvels scharrelden magere varkens, kippen en her en der een blatende geit. Terwijl de koeien loom met hun achterste schudden en met hun staart de zwerm vliegen van hun zwetende ruggen joegen. Het was één van die anonieme, in the middle of nowhere, plaatjes, gelijk aan zoveel andere; een lange straat, een drukke bushalte, dezelfde bescheiden winkeltjes, palmbomen, een schooltje met op het dak een wapperende door de zon verbleekte vlag. Maar vooral veel stof en nog eens stof. Als ik mijn neus snoot had ik genoeg zand om er een kasteel mee te bouwen. Mijn huid voelde aan als schuurpapier en de fietsketting kraakte erdoor als een oude koffiemolen. Het land is overal droog, het heeft al een eeuwigheid niet meer geregent. Geen wonder dat de inwoners van Paraguay een zekere sufheid, ja zelfs luiheid, tentoonspreiden onder die zienderende tropenzon. De pogingen van de Jezuïeten in de 17de eeuw ten spijt. Toen werden de nomade Guarani-indianen ondergebracht in de zogenaamde versterkte missies "reducciones" waar ze naar westers model werden "heropgevoed en bekeerd". Gedaan om in je blootje door het bos te lopen. Nee, naar de mis om 6 uur ´s morgens en daarna een ambacht uitoefenen. Gedaan met het leven op het ritme van de zon. In de plaats dienden ze te leren omgaan met draconische regels en discipline. Het was echter dat of gevangen genomen te worden door de strooptochten van de Portugeese slavenhandelaars. Uiteindelijk werden de missionarissen door de Spaanse kroon gewelddadig teruggefloten. Er wordt gewag gemaakt van een bloedbad van 300 000 Guarani slachtoffers en 4 doden aan de andere kant. Daarna ondergingen de overgebleven Guarani´s het droeve lot dat ook andere Latijns Amerikaanse Indianen trof; werken op het land van de rijke blanke grondeigenaars, hetgeen ze vandag de dag nog grotendeels doen. Op mijn pad bezocht ik enkele van de deze missie-ruïnes, de geschiedenis erachter is evenwel indrukwekkender. Voor wie intresse heeft, de film The Mission met De Niro in hoofdrol gaat over deze historie.
Tijdens een middag-siësta dacht ik ook eens naar de film te gaan. Het zou me verfrissing brengen. Ach het zag er wel mistroostig en afgebladerd uit, aangevreten door de tijd. Maar kom. De door roest verbrokkelde scharnieren gaven de indruk dat er gedurende minstens een halve eeuw geen levende persoon meer de cinema had betreden. Maar kom. De glimp die ik door de ramen van mijzelf opving was er ook één van een verwilderde ongeschoren schurk doordrenkt met verschaalde transpiratie. Ondanks de film net begonnen was kon ik de zaal nog betreden. "No problema" zei de señora nog. Waar ter wereld je ook bent of gaat als je deze twee woorden hoort, weet je dat je de sigaar bent. De koelte , die ik zocht, kon ik op mijn buik schrijven daar de drie ventilators, waarvan je door het geluid wist dat ze er waren, niet de minste koelte gaven, hoeveel omwentelingen ze ook maakten en hoe heldhaftig ze zich ook inspanden. Temidden de film hoorde ik iets raars. Ach waarschijnlijk twee zielen die een potje aan het horizontaal volksdansen zijn, dacht ik nog. Consternatie wanneer het licht ten einde de film aangaat. Niet zozeer om de spiralen van vuil en stof die als heksenharen aan het plafond hangen maar wel om de kakerlak of was het een cucaracha, alleszins zo´n lelijk keverachtig schepsel dat van vuil en afval leeft, over mijn benen loopt. Een seconde later zie ik er wel honderd als een leger oprukken richting...mijn stoel. Ik voelde een ader in mijn nek kloppen. Voor een ogenblik was ik als verlamd tot de angst me in beweging bracht. Want ook al kunnen de kakerlaken een nucleaire aanslag overleven (volgens national geographic toch), slechts weinig zijn bestand tegen mijn traptechniek. Maar voor elke kakerlak die ik naar de eeuwige jachtvelden traptte leken er wel tien naar de begrafenis te komen. Zodoende ik me razendsnel een weg baande richting uitgang door een zee van deze opeengeperste ongedierten.

Wanneer later die dag de horizon rood en amber kleurde door de laatste zonnestralen wist ik dat mijn dag ten einde liep. Leven op het ritme van de zon...

Nu wachten de bergen me op in Bolivia maar dat is voor volgende maal.

ciao-ciao, de fietser

6/10/07

Homo touristicus

Het kostte me twee dagen om door twee restanten van beschermde regenwouden te fietsen.
De rode aardenweg was goed noch slecht, nogal mul in de bochten en her en der stenig. Overal ruisde en giechelde de jungle om me heen. De meest vreemdsoortige bomen, waarvan de kruinen met elkaar vervlochten waren, flankeerden de weg. Ik genoot met volle teugen van de unieke fauna en flora; vogels in exotische kleuren, aapjes slingerend aan de lianen, toekans, kolibries, verblind mooie reuze vlinders, geurende bloemen, ondoordringbare tropische plantengroei, klimplanten die hoge bomen omhelsden met wortels als slangen. In een oogwenk zag ik zelfs een echte zwarte glanzende slang die kronkelde op het ritme van trage treurige muziek terwijl ze sissende geluiden maakte en weer verdween tussen de struiken.
Niet deze noch de poema´s of jaguars, die hier nog leven, waren mijn vijanden. Wel de zoemende insecten. Ik sloeg om me heen en zorgde voor bloederige taferelen in de muggenwereld maar algauw hadden de muggen versterking gekregen van een nieuw bataljon en deze vielen met vernieuwde strijdlust aan. Waarom nam Noah muggen mee in de Ark?
Gedurend uren en uren fietsen passeerde ik mens noch auto. Er waren geen menselijke lichamen opgeknoopt aan de bomen, wat bemoedigend was. Allen de weg getuigde van menselijke aanwezigheid. In gedachten kon ik hier tot in de eeuwigheid doorfietsen.
Nog vol van roes hoorde ik helicopter geluiden. De Iguazu-watervallen (werelderfgoed) waren in aantocht. Terug in de beschaving verliep de confrontatie met deze toeristische trekpleister in eerste instantie bijzonder problematisch. Eerst stoven hun bussen me razend snel voorbij, mij daarbij verwenend op een dieslgordijn. Met als gevolg dat ik twee keer net niet in het decor belandde. Dan filmden de camera´s van de hordes toeristen (een carnavelsk zooitje mensen op designer bergschoenen en met van die halleluja-grijnzen) hoe ik een banaan at alsof ik een zeldzame apensoort was en daarna leek het park met treintje, wandelpaden, bordjes, catwalks net een pretpark. Daarbovenop duwde een viswijf, gekleed in brievenbusrood met een pannenkoekmix van foundation en poeder op haar gezicht, mij , in haar haast, net niet over de vangrail. Waarschijnlijk dacht ze dat de watervallen ogenblikkelijk gingen verdwijnen.
Zelf gooide ik mijn chagrijnig egoïstisch ego overboord om zo goedgeluimd van het verbijsterend schouwspel die de 275 watervallen zijn te genieten. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat dit gebeurde sinds ik in het gezelschap vertoefde van 3, made in USA, dames.
De watervallen werden aangekondigd door hoog oprijzende mistwolken waarin flarden van regenbogen speelden. Het is fascinerend om te zien hoe miljoenen kubieke meters water zich onophoudelijk in een geraas naar beneden storten. Hallucinant om er bij alle hyperbolen nog een schepje bovenop te doen, zal ik zeggen..., betoverend, schitterend, oogverblindend, hemels en dat ik er helemaal kapot van was. De Iguazu-watervallen mogen dan heel toeristisch wezen, daarom niet minder indrukwekkend. Maar toch!

Momenteel zet ik mijn route verder in Paraguay. Wat dit land in petto voor mij heeft lees je volgende keer.

Ciao-ciao lieve lezers,

26/09/07

De wind der winden.

Aan de boer vroeg ik of het ging regenen, "O nee met deze pampero-wind uit het zuiden regent het nooit". En dus woedde er die nacht een verschrikkelijk onweer en werden mijn kleren, die buiten hingen te drogen, doornat.
Wat ik toen nog niet wist was dat dit de voorbode was van een 30-uren offensief van de natuur.
'S morgens betrad ik dan ook gewoon mijn stalen ros. Als Belg zijnde ben ik wel wat gewoon als het op wind, waaien en regen aankomt dacht ik tenslotte nog.
De stugge tegenwind lispelde, gierde, huilde, lachte en hing de clown uit met de kracht van een hoge drukspuit en het geluid van een op hol geslagen misthoorn. Ik worstelde er me in ware Flandrien-stijl doorheen. Toen de atmosfeer pruimpaars verduisterde door snel overtrekkende bewolking, werd de hele situatie bijna testamentisch. Even later rijt de hemel open; regende het hard, grote druppels, hagel uit het jachtgeweer van de hemel. De regenval was zo intensief dat het net leek alsof de druppels aan elkaar vast zaten. Om überhaupt nog vooruit te komen moest ik mijzelf opvouwen tot een zo klein mogelijk doelwit en op mijn pedalen beuken tot ik kapot was. Dan eens genoot ik van mijn strijd tegen de natuurelementen als een fiere pedaalridder. Maar meestal vervloekte ik de striemende regen en vooral de bezeten wind. Onder een kleine, eenzame boom!!!, een illusoire bescherming tegen de stortbui telde ik angstvallig de seconden tussen de bliksemflitsen en de bulderende donder. Terwijl de zoveelste banaan etend. Meter na meter, seconde na seconde verstreken.
Geheel onverwachts stopte er een politiewagen naast mij. De twee verbijsterde agenten in olijfgroen uniform vroegen mij waar ik in godsnaam mee bezig was. Dat leek mij alleszins een redelijke vraag. Met een communicanten gezichtje en een stem die een octaaf of twee kwieker klonk dan ik mij voelde, hield ik er een overnachtingplaats, warme douche en avondmaal aan over. Welliswaar diende ik deze nog op eigen kracht, stoempend dus, vele kilometers verder te bereiken.
De tocht gaat voort. Brazillie heb ik al snel links laten liggen daar in het land van Piquet en wijle Senna iedere chauffeur zich in een nintendo-race-spelletje waande. Terug in Argentinie passeerde ik het gigantische moerasgebied Estros del Ibera. Het is een verzameling van onderling verbonden zoetwaterlagunes en drijvende eilandjes, waarop honderden soorten vogels, reptielen en zoogdieren leven. Alsof ze nog in het aardsparadijs wonen, ongestoord door Adam en Eva en hun numeriek talrijke kroost. Je moet echt geen natuurfreak noch ornitholoog te zijn om hier in vervoering te raken door de natuurpracht en het gekwetter van de vele vogels.
Jullie kunnen ondertussen ook al wel raden vanwaar het water van dit overstrominggebied deels komt.

ciao-ciao

14/09/07

La Plaza

Uruguay is een gek land, dat heeft het gemeen met andere landen. Tot daar geen probleem. Maar het alarmpeil der redelijkheid lijkt mij ruimschoots overschreden als je iedere inwoner ganser dagen ziet rondezeulen met een thermosfles vol heet water, de bijhorende lemen mok (kalebas) gevuld met yerba maté en een zilverkleurig pijpje (bombilla). Het drinken van dit bitter goedje is een uiterst sociaal gebeuren dat op elke plek en op elk ogenblik van de dag kan plaats vinden. Tijdens het wachten op de bus, in de winkel, gedurende het werken of al gezellig keuvelend op een bankje van de plaza. Op die laatste plek, de plaza dus, neem ik tijdens mijn doortocht altijd de tijd voor een praatje. De bekomen informatie is steeds relevanter en interessanter dan datgene een reisboek aanreikt.
Wat hou ik toch van die vredige plaza´s. Elke zelfrespecterend stadje heeft er één, soms niets meer dan een veredeld grasveldje. Meestal met een fontijn, en kiosk, enkele oude ombu bomen (die botanisch gesproken eigenlijk struiken zijn) en een standbeeld van één of andere historische indianenverdelger, slavenhandelaar of andere dief van de grond en leegmaker van de schatkist . Heerlijk die plaza´s waar heden en verleden elkaar de hand reiken. Mede door de vele nog in gebruik zijnde aftandse oldtimers snuif ik er de zoete sfeer op van een ver verleden en word vervat door de rust die voelbaar aanwezig is.
Zo ook op een lome namiddag, ondertussen alweer enkele dagen geleden, waar de discussie op de plaza aldaar ging over de installatie van de eerste verkeerslichten. Je moet weten dat verkeerslichten in Uruguay uitzonderlijker zijn dan de vrouw-met-de-baard, dan de koe met drie koppen. De enkele grootsteden buiten beschouwing gelaten natuurlijk. Het was alleszins een boeiend tafereel op het plein.
Genietend van de prille lente zet ik ondertussen, optornend tegen de strakke beukende wind, mijn tocht gestaag voort. Over de uitgestrekte glooiende pampa, waar alomtegenwoordig extensieve veeteelt wordt bedreven en de koeien lijken te filosoferen over de zin van het grazen. En met de Gauchos (pezige veeboeren van Spaans-Indiaanse afkomst die leren paardrijden voordat ze kunnen stappen) als fanatieke supporters. Fijne kerels trouwens die Gauhos. Zo bezorgden ze mij een onvergetelijke nacht met hun aangedikte verhalen over hun belevenissen te paard te midden van de weide weides, akkers en enorme percelen grasland. Vertellers pur sang zeker naarmate de avond vorderde. Toch even meegeven dat de maté hier wel degelijk plaats maakte voor liters bier. Misschien toch nog zo geen gek land.
En zo zal Uruguay voor mij niet enkel meer het land zijn waarvan het nationale voetbalelftal de eerste editie uit de voetbalgeschiedenis van het wereldkampioenschap won.

Hasta luego,

7/09/07

Het andere Buenos Aires

Daar stond ik dan in de hal van de luchthaven van Buenos Aires met links van mij een kartonnendoos (fiets) en rechts een geruite zak gevuld met fietszakken. In het grote plan dat opgeborgen zat ergens in mijn hersenpan, was de volgende stap: "fiets monteren". Na enige rondvraag kreeg ik hiervoor de toestemming van een zichzelf zeer serieus nemende assistentmanager compleet met badge, dasspeld, jeugdpuisten en roos in het haar. Evenwel diende het te gebeuren onder toezicht van een knorrige politieman met een grijns die in de betere politiefilm furore zou maken. Ik sloeg een zucht van opluchting, doe ik wel vaker, daar het monteren vlekkeloos verliep.
Daar stond ik dan in de hal van de luchthaven met een bepakte fiets. Het plan in mijn hoofd dicteerde als volgende stap: "luchthaven verlaten". De dame aan de infobalie, die trouwens al het goede dat ik gelezen had over Argentijnse vrouwen bevestigde, beschikte slechts over een toeristische map van het centrum. Het centrum was 30 km verderop. Eenvoudig te bereiken via de autopista doch verboden voor fietsers. Ik haalde diep adem, dat doe ik ook nogal eens, en vertrok noodgedwongen langs de enige andere baan. Met de hulp van 14 mannen, 9 vrouwen, 4 kinderen en 1 onbepaald iemand bereikte ik enkele uren later een punt dat op de toeristische map stond. De armtierige, badende in penetrante rioolgeur en vuile achterbuurten van groot Buenos Aires, deze hel van de have-nots, de gordel van ellende uit de wereldbankrapporten maakten een diepe indruk op mij. Later vernam ik van ingewijdenen dat deze wijken bekendstaan als minder veilig. Al een geluk dat ik mijn helm op had!!!
Langsheen brede lanen, pleinen met geraffineerde elegantie, pareltjes van huizen uit de belle époque die maar al te vaak schuil gaan onder reusachtige schreeuwerige uithangborden, zette ik de zoektocht verder richting overnachtingplaats. De drukke chaotische metropool die te lijden heeft onder de tand des tijds ademde een onvervalste nostalgische charme. Ik daarentegen massa koolmonoxide. Van een goed georganiseerd verkeer is geen sprake en iedereen probeert hoe dan ook door te komen waar hij heen moet. Alles zat muurvast, er onstond een oorverdovend getoeter voor, achter, links en rechts van mij. Het hoogtepunt als fietserke uit België, was ontegensprekelijk het oversteken van de "Avenida 9 de Julio". Deze breedste laan ter wereld (125m breed /22 rijvakken) werd destijds door megalomane dictators gebouwd.
Hier ben ik dan nu bij vrienden (Mariela /Luis - Arg.) van vrienden (Manu - Arg.) van vrienden (An -Bel.) van vrienden (Wendy en Wauter -Bel.) en kan tevreden besluiten - DAG 1 : MISSIE GESLAAGD -

16/08/07

Had mijn vader het toen geweten.


Vele mensen heb ik gesproken over mijn reis-onderneming en het is mij opgevallen dat veel dezelfde vragen worden gesteld. En een beetje professionele website heeft een categorie Frequently Asked Questions, deze site nu dus ook. Heb je zelf een vraag: schuw het niet deze te stellen!
Hoe kom je er in vredesnaam bij om dit te gaan doen?

Tijdens een zonnige vakantienamiddag in 1981 aan de Belgische kust demonteerde mijn vader de extra achter-wieltjes van mijn fiets. Een gebeurtenis die de rest van mijn kindertijd, ja zelfs leven, voorgoed veranderde en een wereld vol avonturen voor mij opende.
Alvorens het echter zover was diende ik eerst te leren fietsen op twee wielen. Ik kan me dat moment nog helder voor de geest halen. “Nu moet je je goed vasthouden. En je evenwicht bewaren” zei mijn vader ernstig. Zijn ene hand omvatte de mijne aan het handvat zijn andere duwde me behoedzaam voorwaarts aan het zadel. We oefenden en oefenden heen en weer langs de platanen in het naburig parkje. “Je kunt het wel” herhaalde mijn vader steeds en ik geloofde hem. Ik wiebelwankelde geconcentreerd en gespannen en op de één of andere manier schommelschokkende ik de trappers rond.
Na een tijdje fietste ik verder dan onze achtertuin, verder dan onze straat. Verder dan alles wat ik kende. Ik stak illegaal de straat over en zag nieuwe huizen, hoorde vreemde stemmen, rook nieuwe dingen en mijn klein hazenhartje juichte in mijn keel. Vanaf dat ogenblik was ik vrij. Het liefst
sloeg ik op goed geluk verdwaalweggetjes in naar de rand van de wereld ...althans mijn wereld.
Een winter of twee later had de lieve Sint een knal gele BMX voor mij in petto. Zijn mysterie was daarmee opgelost, daar door onze traditionele schouw een fiets nooit doorkon, maar daarentegen zetten nieuwe omgevingen vol mysterie mijn schuchtere jongensgeest op zijn kop. Ik zocht steevast naar modder en sjeesde er dan hijgend en triomfantelijk met mijn ratelende BMX ,veroorzaakt door de spelkaarten die met moeder´s wasspelden aan de spaken verbonden waren, doorheen.
Vele jaren zijn sinds die dag aan de Belgische kust verstreken maar nog steeds word ik gedreven door het intense gevoel dat gepaard gaat tijdens de ervaring van het ontdekken, het onbekende, het nieuwe, de vrijheid, de uitdaging. Alsof er binnen in je iets koortsachtig begint te zwellen en te kloppen als je een tijdje thuis bent. Zodanig dat je er rusteloos van wordt. Het grasduinen in een atlas helpt slechts tijdelijk om de symptomen van de kwaal te verdrukken...tot het moment dat je besluit om een vliegtuigticket te kopen. Dromen veranderen in ideeën en ideeën worden omgegoten in concrete plannen.


Ditmaal zal ik al fietsend zwerven door Zuid-Amerika. Startend in Argentinië om vervolgens een tocht te maken langsheen Uruguay, Brazilië ,Paraguay en Bolivia. Daar aangekomen in La Paz (Bolivia) zal ik terug enkele weken/maanden werken aan de verdere uitbouw van enkele kleine ontwikkelingsprojecten met en voor de straatjongeren en kameraad schoenpoetsers. Daarover later meer.

Ik hou jullie op hoogte.